Clicky

  • Voor 14:00 uur besteld,
    morgen bezorgd
  • Gegarandeerd bubbels
  • Veilig betalen en achteraf betalen mogelijk

Champagne ABC

Een aantal handige begrippen in het wijn- en champagnejargon voor de (beginnende) liefhebber. Weet u een of meer begrippen die absoluut niet in deze lijst mogen ontbreken? Of heeft u een fout of onvolledigheid ontdekt? Laat het ons dan weten!

 

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z



A

Aandronk - De eerste indruk die men van een wijn opdoet aan de hand van de eerste slokAards - De geur- en smaakimpressie die de bodem van de wijngaard kan "achterlaten" op de uiteindelijke wijn Acidité - De zuurtegraad van een wijn
Ademen - Het aroma van een wijn laten ontwikkelen door de wijn met zuurstof in contact te laten komen

Afdronk - De smaakimpressie die een wijn direct na het doorslikken of uitspugen in de mond achterlaat. De lengte en intensiteit van de afdronk wordt vaak als graadmeter gezien voor de kwaliteit van de wijn.

Afleggen - Methode waarbij het aantal (druiven)planten wordt vergroot. De nieuwe scheuten van een plant worden op de top na omgebogen en in de grond gestoken. Deze scheuten zullen hierdoor op hun beurt weer wortel schieten.

Aigre - Direct vertaald als "zuur" of "scherp". Afgeleid van het franse woord voor azijn:"vinaigre", oftewel "zure wijn".

Alcohol - Wanneer de suikers in druiven gaan gisten worden ze omgezet in koolzuur en alcohol, die in wijn "ethylalcohol" wordt genoemd

Alcoholpercentage - Het gehalte aan alcohol in de wijn. Precieze percentages en regelgeving omtrent de vermelding op het etiket kunnen per land verschillen.

Allier - Een eikenhoutsoort die afkomstig is uit Midden-Frankrijk en veel gebruikt wordt voor het maken van wijnvaten

Amaro - (italiaanse) term voor "bitter" Ampelografie - De studie die zich richt op het onderzoeken, bestuderen en beschrijven van de verschillende soorten wijnstokken en druiven

Animaal - Het tegenovergestelde van "floraal" en letterlijk vertaald als "dierlijk". In het wijnjargon gebruikt om geur- en smaakindrukken te omschrijven die geassocieerd kunnen worden met dingen als stallucht, mest, paarde, wild, enz.

 

B

Bacchus - Naam voor de wijngod die de Romeinen "Liber" en de Grieken "Dionysos" noemden.

Balans - In het wijnjargon gebruikt om aan te geven dat de verschillende componenten van de wijn in evenwicht zijn

Balsemachtig - Geurimpressies die men in verband brengt met dingen als dennenwoud, hars, wierrook, benzine, terpentine, enz.

Balthazar - Dit type champagnefles ontleent zijn naam uit het Assysisch en is vernoemd naar een van de drie koningen. De balthazar heeft een inhoud van 12,8 liter wat gelijk staat aan de inhoud van 16 standaard champagneflessen.

Barrica - De spaanse benaming voor een wijnvat van eikenhout met een inhoud van 225 liter

Barrique Bordelaise - Een eikenhouten wijnvat met een inhoud van 225 liter, waaruit 300 standaart flessen gevuld kunnen worden. NB: Een barrique is ca. een kwart "tonneau".
Baumé - Een instrument waarmee het soortelijk gewicht van vloeistoffen kan worden bepaald. Met een baumé kan het suikergehalte van de most worden gemeten. Op basis van deze gegevens kan het potentiële alcoholgehalte worden geschat.

Bütte - De diepe, langwerpige rugmand waarin de geplukte druiven worden gedragen. Eén bütte kan tot 40kg aan druiven bevatten. Büttes worden vooral op steile wijngaarden gebruikt.

Bezinksel - Het sediment (ook wel "depot" genoemd) in de wijn. Dit bezinksel bestaat uit een mengsel van tanninen, kleurstoffen en dode gistcellen en zakt na de gisting naar de bodem van de fles.

Bladval - Een ziekte, veroorzaakt door een schimmel, waardoor de bladeren van de wijnstok vallen en de druiven verschrompelen. Blanc de Blancs - Witte wijnen waarin uitsluiten witte druivensoorten zijn verwerkt

Blanc de Noirs - Witte (of licht rosékleurige) wijnen waarin uitsluitend blauwe druivensoorten zijn verwerkt

Blind - Wijn kan door nagisting "blind slaan" waardoor hij troebel en ondoorzichtig kan worden.

Blind proeven - Proberen om d.m.v. proeven de soort en herkomst van een wijn te achterhalen, zonder vooraf het etiket gezien te hebben.
Bodemsmaak - grondsmaak. In het frans ook wel "goût de terroir" genoemd.

Body - Begrip om stevigheid en textuur van een wijn mee aan te duiden. Ook wel corps genoemd.

Bonde - De bonde is de stop waarmee een fust (vat) wordt afgesloten. Wordt van hout, porselein of glas gemaakt.

 

C

Cabinet - De in Duitsland traditionele benaming voor de privékelder van een wijnbouwer waar de mooiste wijnen voor eigen consumptie werden bewaard

Capsule - De beschermhuls die de fles aankleed en de kurk beschermt. De capsule werd vroeger van lood gemaakt. Ter bescherming van gezondheid en milieu wordt de capsule tegenwoordig van aluminium, bladtin of plastic gemaakt.

Casa Vinicola - Een wijnhuis dat voor de productie van (commerciële) wijnen hoofdzakelijk werkt met druiven die ingekocht zijn bij derden.

Cava - Spaanse mousserende wijn die gemaakt wordt volgens de méthode champenoise. De naam Cava verwijst tevens naar de plaats van herkomst en de kelders waarin de wijnen worden bewaard.

Cave - Ook wel "Chai" genoemd. Opslagplaats die zich meestal ondergronds bevindt

Cave Coopérative - Coöperatie die zelf op commerciële wijze wijn produceert en verkoopt

Cépage - Term in het wijnjargon voor druivenras, druivenvariëteit of druivensoort

Côte - Wordt in herkomstbenaming gebruikt als voorvoegsel dat kan staan voor kust, heuvel, helling of berg.


 

D

Débourbage - Scheiding van het druivensap van de most en de vaste stoffen. De débourbage vindt plaats door het afhevelen van de most voor de gisting.

Dégorgement - Het proces waarbij het bezinksel van de champagne door middel van het ijspropje wordt verwijderd. Hiervoor wordt de voorlopige (kroon)kurk van de fles gehaald.

Dégustoir - Een kamer waarin men in rust wijn kan proeven

Declassering - Een wijn kan gedeclasseerd worden wanneer het niet voldoet aan de voorschriften van de Appelation Controlée. Ook wanneer er meer van de wijn geproduceerd is dan volgens de richtlijnen van de AOC is toegestaan, wordt het teveel gedeclasseerd.

Demi-sec - Letterlijk vertaald "half droog". Wijn die ondanks de naam eerder zoet dan half droog smaakt.

Demi Bouteille - Flesformaat met de halve inhoud van een standaard fles. Inhoud: 37,5 cl.

Dessertwijn - Meestal zoete wijn die geschonken kan worden bij een zoet nagerecht of een kaasplankje

Distilleren - Het d.m.v. verdamping en condensatie scheiden van alcohol uit gegiste producten zoals graan en wijn
Dom Pérignon - Dom Pérignon leefde in de 17e eeuw en was naast monnik ook keldermeester. Door velen wordt hij als de vader van de champagne beschouwd. Hij zou de kurk als sluiting van de flessen geïntroduceerd hebben. Daarnaast zou hij een groot aandeel gehad hebben in de ontwikkeling van het cuvée, de gelijkmatige samenstelling die vandaag de dag nog steeds de basis van champagne vormt.

Dosage - De toevoeging van in champagne opgeloste suiker aan mousserende wijn, die bepaald hoe droog of zoet het uiteindelijke product zal worden. Deze toevoeging vindt plaats voor de uiteindelijke botteling.

Doux - Betekent in het wijnjargon "zoet" Dronk - Wanneer een wijn qua drinkbaarheid op zijn best is wordt gezegd dat de wijn "op dronk" is.

Droog - In termen van wijn betekent dit "niet zoet"

Dry - In termen van wijn betekent dit "niet zoet". Ook wel "droog" of "sec" genoemd.

Dubbele Magnum - Fles met een inhoud van 3 liter. Staat gelijk aan de inhoud van 4 standaardflessen.

Dur - Aanduiding voor wijn met een teveel aan tannine.

 

E

Egaliseren - Het oogsten van alle druiven op een wijnveld is een precies (hand)werk en kan daardoor dagen tot soms weken duren. Dit heeft tot gevolg dat het eerste deel van de geoogste druiven korter aan de wijnstokken heeft gehangen dan de later geplukte vruchten. Om qua wijn toch een egaal resultaat te krijgen over de gehele oogst, worden de verschillende druiven gelijk verdeeld over de diverse vaten. Zo bevat ieder vat evenveel vroeg als laat geplukte druiven.

Eikenhout - Voor het maken van wijnvaten gebruikt men bij voorkeur eikenhout. In tegenstelling tot veel andere houtsoorten geeft eikenhout geen onaangename geuren af maar draagt het zelfs welkome aroma's af aan de wijnen. De meest gebruikte soorten eikenhout zijn afkomstig uit Californië, Limousin, Slovenië en Neviers.

Élegance - Letterlijk vertaald "elegant". Aanduiding voor een wijn die weliswaar goed uitgebalanceerd is, maar tegelijkertijd niet stevig genoeg is voor een lange houdbaarheid. Over het algemeen worden hiermee lichte wijnen bedoeld met een aangenaam aroma die fijn van structuur zijn. Elevage -

Eleveur - Letterlijk vertaald als de "opvoeder". De persoon die de wijn "verzorgt en opvoedt".

Enten - Methode die gebruikt wordt om wijstokken van een nieuwe onderstam te voorzien. Door levende delen van twee druivenplanten tegen elkaar aan te drukken kan men de twee planten met elkaar laten vergroeien.

Esterisch - Geurimpressies die men associeert met fruit, gist en/of zuivelproducten

Esters - Esters zijn organische verbindingen tussen zuren en alcoholen en veroorzaken vaak een sterke geurontwikkeling.

Expositie - De ligging van een wijngaard ten opzichte van de wind- en zonnerichting

Extract - De geur- en smaakbepalende stoffen die na fermentatie in de wijn achterblijven en hiermee karakterbepalend zijn.

Extractgehalte - De hoeveelheid geur- en smaakstoffen die na de gisting in de wijn zijn achtergebleven
 

F

Faible - Term gebruikt om een matige / zwakke wijn aan te duiden. Dit zijn doorgaans wijnen met weinig body en alcohol.

Fass - Een houten vat

Fût - Ook wel vat of fust genoemd

Ferme - Aanduiding voor een stevige wijn met een krachtige smaak

Fermentatie - Het vinificatieproces, oftewel het proces van de gisting

Filteren - Veel (met name witte) wijnen worden voor de botteling door middel van filtering helder en schoon gemaakt.

Finesse - Term voor een eigenschap die wordt toegeschreven aan wijnen met een uitzonderlijke elegantie

Flashengärung - Productieproces vergelijkbaar met de méthode champenoise

Flessenjaren - Ook wel rijping op de fles genoemd. Wijnen met een hoog tanninegehalte komen pas volledig tot ontwikkeling na een aantal jaren op de fles te hebben gelegen.

Floraal - Geurimpressies die men associeert met bloemen en planten

Floraison - Bloeitijd van de druivenplant (voor de vorming van de druiven)

Fort - Term waarmee een krachtige wijn met veel alcohol wordt aangeduid

Fortificeren - Letterlijk vertaald "versterken". Het toevoegen van wijnalcohol voor de vorming van bijvoorbeeld Port of Sherry

Foudre - Ook wel fust, voeder of okshoofd genoemd. Groot wijnvat van variabele inhoud voor de opslag van wijnen in kelders

Fraîcheur - Term voor de aanduiding van frisse en levendige eigenschappen

Fruitig - Geurindrukken die geassocieerd kunnen worden met fruit, noten en olijven

Fuder - Standaard maat van 1000 liter of een veelvoud hiervan, gebruikt voor fusts


 

G

Garrafeira - Wijn van een speciaal geselecteerd oogstjaar die minimaal twee jaar in het vat en één jaar op de fles heeft kunnen rijpen. Over het algemeen is dit wijn van hoge kwaliteit.

Gazéfiée - Wijn waaraan het koolzuurgas is toegevoegd en het gas dus niet op een natuurlijke manier is ontstaan. Deze methode wordt over het algemeen toegepast bij goedkope wijnen.

Générique, Vin - Een samenstelling van diverse wijnen, afkomstig uit een heel gebied

Gecorseerd - Term voor een wijn met een krachtige smaak en een hoog alcohol- en extract gehalte

Gekruid - Smaakindrukken die men kan associeren met kruiden, specerijen en paddestoelen

Generic names - Amerikaans systeem van naamgeving waarbij een wijn de naam krijgt van een algemene soort. Bijvoorbeeld "Rosé" of "Mousserend". Generic names geeft ook het systeem aan waarbij wijnen vernoemd worden naar de karakteristieken van bepaalde streken. Bijvoorbeeld "Beaujolais" of "Bordeaux".

Geoxideerd - Wanneer wijn oxideert (reageert met zuurstof) kan er een onplezierige smaak ontstaan.

Gisting - Het proces waarbij de suiker in de druiven gesplitst wordt in alcohol en koolzuurgas. Hoe meer suiker hierbij wordt omgezet, hoe meer alcohol er ontstaat en hoe droger de wijn wordt. Bij de vervaardiging van zoete wijnen is er dus sprake van een korter gistingsproces waarbij de gisting voortijdig wordt gestopt. Het koolzuurgas laat men bij gewone wijnen ontsnappen. Bij mousserende wijnen wordt het koolzuurgas juist in de fles behouden.

Goût Américain - Champagne waaraan een scheut likeur is toegevoegd voor het verkrijgen van een bepaalde smaak

Goût de pierre a fusiel - Aanduiding voor een herkenbare "vuursteensmaak" die terug te vinden is bij bepaalde witte wijnen

Goût de terroir - Smaaksensatie waarbij de bodem van het betreffende wijnveld terug te herkennen is. Hierbij heeft niet de grond chemisch gereageerd met de wijn, maar is van invloed geweest op het groei- en rijpingsproces van de wijnstok.

Governo - Wijnbereidingsmethode waarbij aan reeds gegiste wijn verse druiven worden toegevoegd. Hierdoor vindt er opnieuw een korte gisting plaats waardoor de wijn frisser en levendiger wordt.

Grand Cru - Aanduiding voor de beste wijnen uit een bepaalde streek. Ook wel term voor specifieke (wijn)gemeenten en -districten

Gras - Term voor een wijn die tijdens het drinken "vet" aandoet

Grasicht - Aanduiding voor de (onplezierige) smaak die veroorzaakt kan worden door de aanwezigheid van onrijpe druiven of steeltjes van de druiventros in de most. Doet zich vaak voor bij te zware persing.


 

H

Halbfuder - Ovaal houten Moezelvat met een inhoud van ca. 500 liter

Halbstück - Rond houten vat met een inhoud van ca. 600 liter

Hard - Term die wordt gebruikt voor een zure, jonge wijn die veel tannine bevat

Herb - Andere benaming voor wrang of hard

Herkurken - Bij zeer oude, goed bewaarde wijnen kan het voorkomen dat de kurk deels is vergaan. In zo'n geval kan men besluiten om de fles van een nieuwe kurk te voorzien. Deze handelswijze wordt overigens niet vaak (meer) toegepast.

Hotte - Diepe mand waarin de druiven na het plukken worden verzameld om daarna naar de wagens gedragen te worden

Houtachtig - Smaakimpressie die men associeert met onbewerkt en/of exotisch hout

Houtsmaak - Een wijnziekte die een muffe, bijtende smaak veroorzaakt en een scherpe geur achterlaat. Deze wijnziekte wordt veroorzaakt door geïnfecteerd hout dat gebruikt is voor de eiken vaten waar de wijn in bewaard wordt.

Hygrometer - Instrument waarmee de relatieve luchtvochtigheid gemeten kan worden. Voor een wijnkelder geldt een ideale waarde van 60-70 % luchtvochtigheid.


 

I

Impérial(e) - Fles met een inhoud van 6 liter. Dit komt overeen met de inhoud van 8 standaard flessen.

INAO - Afkorting voor "Institut National des Appellations d'Origine". Dit instituut, in 1932 opgericht in Parijs, is het overkoepelende orgaan van alle Franse controlebureau's en reguleert daarmee alle Franse kwaliteitswijnen.

Irrigatie - Het besproeien van wijngaarden. Alleen toegestaan in zeer warme gebieden.

ISO - Internationaal Standards Organisation. Organisatie die onder andere het ideale glas ontwikkelde om wijn mee te proeven.


 

J

Jaargang - Vermelding van het oogstjaar op de fles

Jéroboam - Grote fles die qua inhoud per streek kan verschillen. In Champagne heeft de fles een inhoud van 4 standaard flessen, terwijl in bijvoorbeeld Bordeaux de jéroboam een inhoud heeft van 6 standaard flessen van 75cl.


 

K

Kalkoentje - Klein flesje met een inhoud van ca 20 cl. die voornamelijk gebruikt wordt in bijvoorbeeld treinrestauraties en bij vliegtuigmaaltijden. Een anderen naam voor dit flesje is "Piccolo".

 

Kammgeschmack - Aanduiding voor een steelsmaak in de wijn. Komt voor bij wijnen die te sterk zijn gezwaveld of waarbij de most te lang op de schillen en stelen heeft gestaan.

 

Karaf - Tafelfles met (bij voorkeur) onbewerkt en helder glas zodat de kleur van de wijn optimaal naar voren komt. Een karaf heeft doorgaands een wijde buik en een smalle hals.

 

Keldermeester - In Frankrijk ook wel Maître Chai genoemd. De verantwoordelijke voor alle processen en werkzaamheden in een wijnkelder. Kellerwirtschaft - Opvoeding van wijn, keldertechniek , vinificatie

 

Kiezelgoer - Bergmeel dat samen met filterbladeren wordt gebruikt om verontreinigingen uit wijn te filteren.

 

Kist - Met name vroeger werden kistjes gebruikt om wijn per 12 flessen te vervoeren en/of exporteren. Tegenwoordig worden hiervoor vooral kartonnen dozen gebruikt.

 

Koeling - Wijn dient niet in de koelkast bewaard te worden, maar alleen gekoeld te worden vlak voor het schenken. In een wijnkoeler is de koeling na ca 15-20 minuten voltooid; het ijs of water moet daarbij net onder de kurk blijven staan. In de koelkast is de wijn na ongeveer 45 minuten voldoende gekoeld.

 

Komeetjaar - Een oogstjaar van uitzonderlijke kwaliteit dat vooraf is gegaan door de verschijning van een komeet, zoals bijvoorbeeld in 1910.

Koppig - Term die gebruikt wordt voor een wijn met een onverwacht hoog alcoholgehalte.

Kurkeik - Uit de bast van de kurkeik (de Quercus Suber) wordt kurk gesneden.

Kurkentrekker - Het bekende spiraalvormige instrument waarmee een kurk van de fles kan worden getrokken. Een goede kurkentrekker heeft een holle schroef.

Kurksmaak - Een geïnfecteerde kurk kan mufheid van de wijn veroorzaken wat de wijn ondrinkbaar maakt. Kurksmaak kan opgemerkt worden door aan de wijn te ruiken. Door ruiken aan de kurk kan de mufheid echter niet vastgesteld worden.

 

 

L

Laf - Term om een wijn aan te duiden die over geen enkele karakteristieke geur, smaak of andere bijzondere eigenschap beschikt.

Lagar - Stenen persbak die vroeger werdt gebruikt om druiven met de voeten te persen.

Lageren - Het laten rijpen van de wijn. Dit ouderen van de wijn dient bij een constante temperatuur van 10-14oC in een donkere en tochtvrije ruimte te gebeuren.

Late Harvest - "Late Oogst". Deze term wordt met name in Australië, Zuid-Afrika en Amerika gehanteerd voor volzoete dessertwijnen.

Licht - Aanduiding voor een weining krachtige wijn met een laag alcoholpercentage.

Lie - Het bezinksel dat met name bij de eerste gisting ontstaat en in het vat achterblijft na het oversteken van de wijn.

Light wine - Amerikaanse aanduiding voor een lichte wijn met een laag alcoholpercentage.

Limousin - Uit Frankrijk afkomstig eikenhout dat gebruikt wordt voor het maken van wijnvaten. Limousin geeft sterke geur- en smaakaroma's af aan de wijn die in het vat wordt bewaard.

Liqueur d'expédition - Niet mousserende champagnewijn met daarin suiker opgelost. De Liqueur s'expédition bepaald het uiteindelijke suikergehalte van de champagne.

Liqueur de tirage - Wijnlikeur met suiker en gistcellen. De liqueur de tirage wordt bij de productie van mousserende wijn gebruikt voor de tweede fermentatie waarbij de bekende bubbels ontstaan.

Liquoreuze wijn - Term voor zeer zoete wijn

Liquoroso - Term die ook gebruikt wordt om zeer zoete wijn aan te duiden. Vaak sterke likeurwijnen.

Lomp - Lompe wijnen zijn het tegenovergestelde van sierlijke, elegante wijnen. Hebben vaak buitensporig veel extractstoffen.

Looistoffen - In het wijnjargon "Tannine" genoemd. Afkomstig van de schillen, pitten en steeltjes van de druiven. Deze stoffen komen in hogere concetraties rode wijn dan in witte wijn voor.


 

M

Maagdenwijn - Wijn die gemaakt is van de eerste bruikbare oogst van een nieuwe aanplanting van een wijnveld. Wordt in het frans ook wel "vin vierge" genoemd.

Maître de chai - Zie "keldermeester"

Macération - Bij dit proces worden blauwe druivenschillen in de most geweekt om zo meer kleurstoffen te onttrekken.

Macératione carbonique - Een wijnbereidings procedé dat plaatsvindt onder een atmosfeer van koolstofgas. De niet-gekneusde druiven worden in een stalen gistkuip gelegd die vervolgens onder druk wordt gebracht met koolzuurgas. Onder deze omstandigheden kneust slechts een deel van de druiven die vervolgens gaan gisten. De niet-gekneusde druiven ondergaan tegelijkertijd een andere ontwikkeling; de zgn. intercellulaire gisting waarbij veel kleur- en smaakstoffen vrijkomen. Deze productiemethode brengt wijn voort met een lage zuurgraad, weinig tannine en een rond en krachtig karakter.

Maderisatie - Witte wijn die door oxidatie enigszins bruin is verkleurd. Qua smaak gaat de wijn hierdoor iets op madera lijken. Dit proces wordt ook wel madérisé genoemd.

Mager - Deze term wordt gebruikt voor wijnen die niet goed zijn ontwikkeld en daardoor dunnetjes overkomen met een gebrek aan vinositeit, body, kleur en sappigheid.

Magnum - Fles met een inhoud van 1,5 liter Malolactische gisting - Tweede gisting na de alcoholische gisting waarbij appelzuur omgezet wordt in melkzuur.

Mannequin - Rieten mand die in de Champagnestreek gebruikt wordt om de geplukte druiven in te vervoeren

Marcotteren - Bij deze handeling worden gaatjes in kurken met een mengsel van kurkmeel en lijm dicht gesmeerd.

Marie-Jeanne - Donkergroene fles met een inhoud van ca 1,33 liter

Méthode Champenoise - Procedé voor het maken van mousserende wijn. Methode van tweede gisting op de fles. Zie ook hoofdstuk "Méthode Champenoise - Het maken van champagne".

Méthode Traditionelle - Naam voor het procedé van de méthode champenoise dat weliswaar in Frankrijk, maar buiten het officiële champagnegebied plaatsvindt.


 

N

Nebuchadnezzar - Fles met een inhoud van 15-20 liter.

Nagisting - Gisting die na de eerste en tweede gisting heeft plaatsgevonden doordat niet alle suikers tijdens de eerste gisting zijn gefermenteerd.

Négociant - Onderhandelaar, wijnhandelaar

Négociant-éleveur - Wijnhandelaar en -opvoeder.

Neus - Ook wel bouquet of nez genoemd. De geur van de wijn.

Nische - Een klimatologisch beschutte locatie waar ook zeer kwetsbare druivensoorten kunnen groeien.


 

O

Octueux - Aanduiding voor een "vettige" wijn. Over het algemeen wordt deze eigenschap als prettig ervaren.

Oculeren - Methode voor het vermeerderen van planten door middel van enting.

Oegsjaar - Oogstjaar. Jaargang uit Zuid-Afrika

Oeil de perdrix - Aanduiding voor de kleur van een vin gris

Oenologie - Leer betreffende de wijn. Wetenschappelijke benadering en studie over de wijnbouw en het maken van wijn.

Oenoloog - Wijnbouwkundige

Okshoofd - Ook wel "hogs head" genoemd. Wijnvat met een inhoud tussen de 228-295 liter

Ontstelen - De druiven van de stelen ontdoen. Dit kan zowel handmatig (risten) als machinaal (ontsteelmachine) gebeuren.

Open wijn - Schenkwijn die in de horeca per glas wordt verkocht

Opleggen- Het opslaan van de wijnflessen om de wijn te laten rijpen/ouderen.

Opvoeding - Het rijpen/grootbrengen van wijn in vaten en fusten.

Ordinaire - Alledaagse wijn. Deze term zegt echter niets over de kwaliteit van de wijn.

Organoleptische analyse - De beschrijving van wijnen door middel van proeven. (In tegenstelling tot chemische wijnanalyses.)

Ouderen - Het laten rijpen van wijn. Voornamelijk op rode wijnen van toepassing. Kan zowel op de fles als in het vat plaatsvinden.

Ouillage - Omdat door het hout van de vaten wijn kan verdampen worden vaten vaak bijgevuld met dezelfde wijn of wijn uit eerdere jaren. Dit om te voorkomen dat er lucht in de plaats van de verdampte wijn terecht komt wat oxidatie zou kunnen veroorzaken. De term ouillage kan ook betrekking hebben op de luchtlaag in een vat of fles tussen de wijn en de duigen / kurk.

Oversteken - Het overhevelen van wijn naar een ander (schoon) vat, waarbij het bezinksel achterblijft in het eerste vat.

Oxydatie - Een reactie met zuurstof. Bij wijnen veroorzaakt dit een bruinige kleur en gaat de drank naar overrijpe appel ruiken.


 

P

Passé - Aanduiding voor een wijn die reeds over zijn hoogtepunt heen is. Geur en smaak zijn in dit geval al verloren gegaan.

Passito - Zoete wijn die is verkregen uit de most van half ingedroogde druiven.

Pétillant - Ook wel "tintelende" wijn genoemd. Heel licht mousserende wijn.

Pelure d'oignon - Aanduiding voor de oranjeachtige kleur die oudere rode wijnen kunnen hebben. Letterlijk vertaald:"uienschil".

Perlant - Ook wel "Perlé" genoemd. Term voor licht mousserend.

Perlwein - Wijn waaraan op kunstmatige wijze koolzuurgas is toegevoegd.

Perskurk - Kurk gemaakt van samengeperste en gelijmde kurkdeeltjes en kurkmeel. Deze werkwijze is goedkoper dan het traditionele stansen van kurken.

Pièce - Houten vant voor het ouderen van wijnen. Inhoud ca. 220 liter.

Pierre à fusil - Smaakimpressie die doet denken aan de toon van vuursteen.

Pipe - Houten vat voor de opslag en rijping van Port. Inhoud ca. 523 liter.

Plat - Aanduiding voor "vlakke" wijn.


 

Q

Queue - Een houten vat met een inhoud van ca 456 liter.

 

R

Racé - Aanduiding voor wijn met karakter. Wordt doorgaans gebruikt bij kwaliteitswijnen.

Récolte - Ook wel oogstjaar of jaargang genoemd. In het gaval van champagne spreekt men meestal over "vintage".

Régisseur - Bedrijfsleider van een wijnhuis.

Réhoboam - Fles met een inhoud van 6 liter.

Rôti - Letterlijk vertaald als "geroosterd". Aanduiding voor door de zon geschroeide druiven

Reductief - Vergisting zonder aanwezigheid van zuurstof.

Refractometer - Instrument waarmee de brekingsindex van stoffen gemeten kan worden. Met deze dichtheidsmeter kan men het suikergehalte van het druivensap in de wijngaard bepalen.

Remuage - Het dagelijkse draaien en schudden van de champagneflessen in de kelders.

Rendement - Het wettelijke druivenquotum, uitgedrukt in hectoliters per hectare.

Reserve - Aanduiding voor wijn van uitzonderlijke kwaliteit.

Rijpen - Het ouderen. De ontwikkeling van wijn op de fles.

Rins - Ook wel "rens" of "rijns" genoemd. Aanduiding voor "friszuur".

Riserva - Aanduiding voor wijn die een bepaalde minimum tijd op het vat heeft gerijpt.

Robe - Kleur van de wijn waaraan soms afgeleid kan worden hoe oud een wijn ongeveer is. Over het algemeen geldt de vuistregel dat rode wijn met de jaren lichter wordt, terwijl witte wijnen juist donkerder worden.


 

S

Sacharimeter - Een instrument die door middel van weging bij benadering het suikergehalte in de most kan bepalen.

Sappig - Smaakimpressie die men associeert met rijp en sappig fruit.

Sarment - Eenjarige wijnrank


 

T

Taille - Aanduiding die in termen van champagne voor de tweede (en volgende) persing van de druiven staat.

Tannine - Ook wel "looizuur" genoemd. Stof die afkomstig is uit de schillen, pitten en steeltjes van met name blauwe druiven en uit het hout van de wijnvaten. Tannine kan een wrange smaak en een "stroeve tong" veroorzaken.

Thermo-vinificatie - Procedé waarbij druiven ontsteelt en gekneusd worden waarna ze op 50-80 oC verwarmd worden. Hierdoor lossen de kleurstoffen sneller in het sap op wat druivensap met een diepe kleur oplevert.

Tonneau - Vat met een inhoud van ca 900 liter.

Trie - Het selecteren van de druiven tijdens de oogst waarbij alleen de overrijpe druiven worden gepakt.

Trockenbeerenauslese - Een hoogwaardige, goudkleurige zoete wijn die verkregen wordt door de persing van speciale verschrompelde / uitgedroogde druiven.

Tuilé - De franse vertaling voor "de kleur van dakpannen". Term die wordt toegepast bij de kleurverandering van oudere rode wijnen. Voor witte wijnen gebruikt men de term "maderisatie".

Tumultueuse gisting - De eerste, vaak onstuimig verlopende, alcoholische gisting.

U

Usé - Letterlijk "gebruikt" of "versleten". Term die wordt toegepast bij wijnen die het grootste deel van hun goede/karakteristieke eigenschappen hebben verloren.

 

V

Vanille - Smaak- en geurimpressie die doet denken aan vanille. Dit aroma is afkomstig van het eikenhout waar de wijnvaten van gemaakt zijn.

Vat - Container van hout, cement of roestvrijstaal waarin wijn opgeslagen kan worden.

Véronique - Een slanke fles van blank os licht gekleurd glas dat gebruikt wordt voor rosé wijnen.

Vecchio - Italiaanse vertaling voor "oud". Term die wordt toegepast bij krachtige, gerijpte wijnen.

Velgho - "Gerijpt". Wordt enkel toegepast bij rode wijnen.

Vendange - Ander woord voor oogstjaar of jaargang Vendange tardive - Frans voor "late oogst".

Vendangeoir - Pershuis

Vendangeur - Druivenplukker

Vendemmia - Italiaans voor "oogstjaar" of "jaargang".

Vendimia - Spaans voor "oogstjaar" of "jaargang"

Versnijden - Het samenvoegen van verschillende wijnen tot een geheel.

Versterkte wijnen - Ook wel "fortificeren" genoemd. Wijnen waaraan tijdens of na de gisting extra alcohol is toegevoegd.

Vielles vignes - Met deze term wordt aangegeven dat voor een bepaalde wijn gebruik is gemaakt van druiven afkomstig van oude wijnstokken. Deze druiven bevatten doorgaans meer extract en hogere concentraties.

Vigne - Franse benaming voor "wijnstok" of "wijngaard".

Vigneron - Iemand die wijn verbouwd

Vignoble - Frans voor "wijngebied" of "wijnstreek".

Villages - Kwaliteitsaanduiding die aangeeft dat de wijn uit een kwalitatief hoogwaardige gemeente/streek afkomstig is.

Vin de garde - Algemene aanduiding voor wijnen die zich langzaam ontwikkelen en die lang bewaard kunnen worden.

Vin de goûtte - Lekwijn. Deze wijn is niet geperst maar onder eigen gewicht spontaan vrijgekomen en daardoor een lager percentage zuren en tanninen bevat dan perswijn.

Vin de paille - "Strowijn". Voor deze wijn worden de druiven op stromatten in de zon gedroogd of opgehangen in een goed geventileerde droge ruimte. Nadat de druiven hierdoor een groot deel van hun vocht hebben verloren laat men de druiven zeer langzaam gisten. Deze gisting kan tot wel twee jaar duren. In totaal dient de wijn 3 tot 4 jaar te rijpen. Hierdoor is de wijn vrijwel onbeperkt houdbaar.


 

W

Walsen - Het ronddraaien van de wijn in het glas om meer vluchtige geurstoffen vrij te laten komen waardoor de geurintensiteit van de wijn vergroot wordt.

Wascapsule - Gekurkte flessen haalt men met de hals door een bad van vloeibare zegellak of hars waardoor er een verharde laag om de hals ontstaat.

Wijnkristallen - Wijnkristallen zijn vaak zichtbaar onderaan de kurk en worden beschouwd als een teken van kwaliteit. De kristallen bestaan uit gekristalliseerde kaliumzouten en zijn onschadelijk voor het aroma van de wijn. De vorming van deze kristallen duidt op een hoog mineraalgehalte in de bodem.

Wijnsteenzuur - Een van de aanwezige zuren in wijn die ook wijnkristallen kan veroorzaken. De aanwezigheid van wijnsteenzuurkristallen is onschadelijk voor de wijn en wordt gezien als een teken van kwaliteit.

Wine of origen - Zuid Afrikaanse variant op de franse Appéllation Contrôlée


 

X

Y


Z

Ziel van de fles - De welving op de bodem van een fles waardoor het bezinksel op het diepste punt van de fles bewaard kan worden.

Zuren - De juiste hoeveelheid zuren bepalen mede de houdbaarheid en smaak van de wijn. Teveel zuren gaan ten koste van de kwaliteit van de wijn.

Zwaar - Aanduiding voor een "dikke" wijn met een(te) hoog alcoholgehalte. De term kan ook duiden op een wijn die niet in balans is vanwege een tekort aan zuren.

Zwavel - Wordt gebruikt voor ontsmetting van de flessen en de vaten, het stoppen van de gisting en fungeert derhalve als een conserveringsmiddel.